Boekbespreking - ‘Grenzeloze solidariteit’ en ‘Zonder papieren’ (6.8.08)
|
Mensen zonder papieren geven werkgelegenheid aan burokraten en hulpverleners, wetgevers en wetshandhavers, en steeds vaker tegenwoordig ook aan wetenschappers. Meer dan genoeg papier dus. Zo is pas verschenen ‘Grenzeloze solidariteit, - over migratie en mensen zonder papieren’, de papieren fall-out van een congresdag (in november 2007) van de Universiteit Antwerpen, georganiseerd door OASeS (Onderzoeksgroep Armoede, Sociale Uitsluiting en de Stad).
Het is het 19e deel van de reeks ‘Minderheden in de samenleving’ van uitgeverij Acco, 335 pagina’s voor € 35, onder redactie van Christiane Timmerman en Ina Lodewyckx van CeMIS (Centrum voor Migratie en Interculturele Studies).
Met dit boek geeft Acco een noodzakelijk tegenwicht aan het eerder dit jaar bij deze Leuvense uitgeverij verschenen ‘Zonder papieren’ van een groep Nederlandse academici onder leiding van Godfried Engbersen, hoogleraar sociologie aan de Erasmus-Universiteit in Rotterdam. Dit is de handelsbewerking van een rapport getiteld ‘Irreguliere immigranten in België, - inbedding, uitsluiting en criminaliteit’. De Rotterdammers stelden het op voor het Vlaamse Parlement, waar ze het op donderdag 6 maart 2008 plechtig kwamen aanbieden. De handelseditie verscheen ongeveer gelijktijdig in de Acco-reeks ‘Sociale InZichten’ (€ 24,50).
Het is een slecht teken voor een humaan, maar ook sociaal-economisch doeltreffend vreemdelingenbeleid in Vlaanderen en België, dat politici zich hier door de Rotterdamse sociologen laten adviseren. De Antwerpse onderzoekers hebben een invalshoek gekozen, die meer in overeenstemming is met gematigde opvattingen die in andere Europese landen leven bij onderzoekers van onze gecompliceerde en dynamische samenleving. Hun titel ‘Grenzeloze solidariteit’ geeft die al aan, met een zekere ironische ondertoon, want we weten allemaal dat grenzen wel degelijk bestaan, tussen landen en aan solidariteit.
Twee samenvattende bijdragen in de bundel verslagen van de verschillende reflectiegroepen, die het congres van de Antwerpse Onderzoeksgroep Armoede, Sociale Uitsluiting en de Stad hebben voorbereid, zijn van de hand van Engelse onderzoekers. Aan de inleiding van Frank Düvell van de Universiteit van Oxford ontleen ik een paar getallen, die tonen dat we te maken hebben met een problematiek, die niet met Vlaamse of Nederlandse provincialistische oplossingen weggepraat kan worden.
Op een totale Europese bevolking van 490 miljoen mensen zijn er een 40 miljoen reguliere migranten (zoals deze recensent, die sinds twee jaar zijn Nederlands pensioen en spaargeld aan de Belgische economie is komen bijdragen, voor een deel uit walging van het Nederlandse vreemdelingenbeleid). Daarnaast zijn er in heel Europa een 4 tot 8 miljoen migranten, die (nog) geen geldige papieren kunnen tonen, dat is dus tussen 1 en 2 procent van de totale bevolking. Voor heel België wordt het aantal irregulieren op ruim 100.000 geschat. Veel, weinig? Bedreigend, normaal of noodzakelijk voor economie en samenleving?
Om een antwoord te geven op deze vragen brengen de verschillende artikelen in ‘Grenzeloze solidariteit’ een aantal juridische en sociologische gegevens bijeen, terwijl An Verlinden van de Werkgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap van de Universiteit van Gent ‘ethisch-filosofische kanttekeningen’ plaatst bij het begrip ‘illegale immigratie’. In een vijftal overzichten worden de specifieke deelproblematieken behandeld, waarmee irregulieren te maken hebben:
1. op het gebied van juridische en sociale basisrechten (opgesteld door Steven Bouckaert, rechter Arbeidsrechtbank te Gent);
2. op het gebied van toegang tot de arbeidsmarkt (door Liesbet Okkerse en Fernando Pauwels, wetenschappelijke onderzoekers economische vraagstukken aan de Universiteiten van Antwerpen en Leuven);
3. op het gebied van medische hulp (door Vincent Corluy en Ive Marx van de Universiteit Antwerpen);
4. op het gebied van onderwijs voor leerplichtige kinderen of volwassenen (door Isabella Pannecoucke van de Faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen);
5. op het gebied van wonen (getiteld ‘Zonder papieren? Wonen zoals de dieren!’, door Luc Goossens en Joeri Laureys van de Universiteit Antwerpen)
Dan geven drie onderzoekers van het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding nog een aantal ‘aandachtspunten voor een toekomstig immigratiebeleid’.
In de tweede helft van de 20e eeuw hebben de problemen rondom migratie zich verplaatst van de fysieke landsgrenzen met hun slagbomen, paspoortcontroles en douaneambtenaren naar de burokratische grenzen, die aangeven wat een verzorgingsstaat wil doen voor inwoners en vreemdelingen op zijn grondgebied. Wie geld heeft passeert alle grenzen, vroeger en nu, maar een moderne westerse staat probeert aan iedereen een bestaansminimum te garanderen op verschillende gebieden. Iedereen? Nee dus, alleen wie de juiste papieren heeft. Tegelijkertijd werden algemeen-menselijke rechten op bescherming in internationale verdragen vastgelegd: de ’rechten van de mens’. Hoe schoon die ook klonken, behalve in uitzonderlijke gevallen (bijvoorbeeld in het asielrecht vastgelegd) geldt voor een vreemdeling naast die minimale rechten voornamelijk de plicht om een bijdrage te leveren aan de economie van het land, waar hij wenst te verblijven. Wie die bijdrage niet, niet meer of nog niet kan leveren is feitelijk een ongewenste vreemdeling in de verzorgingsstaat. Hij botst op de burokratische grenzen, die de verschillende verzorgingsgebieden afbakenen.
Wie zich interesseert voor complexe bureaucratische en juridische problematieken, waar vreemdelingen zonder voldoende bankrekeningen of andere papieren mee te maken krijgen, vindt in dit boek heldere uiteenzettingen. Maar omdat we toch een beetje geloven in algemene rechten van de mens, hoe die ook gedefinieerd worden, blijft er toch dat begrip over, dat de titel aangeeft: solidariteit.
Op dit punt is verreweg het interessantste artikel van de hand van Petra Heyse van het Centrum voor Migratie en Interculturele Studies van de Universiteit Antwerpen en van Inge Van Nieuwenhuyze, stafmedewerker van de Dienst Sociale Zaken van Antwerpen: ‘Leven zonder wettig verblijf. Eenheid en verscheidenheid aan strategieën en belevingen’.
Solidariteit wil zeggen empathie, inlevingsvermogen. Wat weten we eigenlijk van de irregulieren, hun overlevingsstrategieën, hun hoop op regularisatie, hun strategieën om ooit eens hun irreguliere status af te sluiten met een papier met het juiste stempel erop? Dit artikel laat er een glimp van zien. De hoop en wanhoop van mensen zonder papieren vragen om een solidariteit, die niets met politiek, niets met beleid maar alles met humaniteit te maken heeft. ‘Moral man and immoral society’ was de titel die in 1932 de Amerikaanse predikant Reinhold Niebuhr gaf aan zijn ‘study in ethics and politics’. Grenzeloze solidariteit is politiek nauwelijks te verwezenlijken, maar voor ieder bevoorrecht mens individueel een enigszins begrensd nastreven waard.
Tom Bouman
|
 |
|
 |  |  |
|
|
|