lniakniojamlfgok
                                 Meer info...

MF2018 aff A2 FR HR-page-001

MF2018 aff A2 NL HR-page-001

Logo Coord Blokkade kl

                                    Meer Info

Affiche C50

TTIP CETA

Meer info

flyer voorkant

Meer info

Delen van artikels

'Vrede' 445: "Als geroepen in de bus"

 

Met de jongste escalaties van het conflict in Syrië, viel het jongste nummer van het kwartaaltijdschrift 'Vrede' (https://www.vrede.be/ ) 'als geroepen' in de bus. Want wie zich op de systeemmedia moet verlaten om te volgen wat er in de wereld aan conflicten gaande is, blijft ziende blind. Blijft zich bv. blind staren op 'de gek' Trump zonder het systeem achter de man te ontwaren. We hebben dan ook meer dan ooit nood aan kritische media die achtergronden schetsen waar de systeemmedia - kapitalistische ondernemingen die én hun winstzoekende eigenaars én heel de reclame-makende bedrijfswereld te vriend moeten houden - zelden of nooit over berichten.

 

De Amerikaanse 'mediawatchdog' Fair waarschuwde onlangs expliciet voor hoe de Amerikaanse massamedia de oorlogstrom roeren: "Major Papers Urge Trump to Kill Syrians, Risk World War III".

 

Dan maar liever 'Vrede' lezen. Toen nummer 445 in de bus viel, las ik het op een lange namiddag uit. Ik vond achteraf maar één iets spijtig: dat het nummer na 50 pagina's al uit was. Vervolgens werden Ludo De Brabander en Soetkin Van Muylem gecontacteerd en zij bezorgden de teksten van een dozijn bijzonder boeiende artikels. Dat gaf 32 pagina's computertekst. Hoe daar een leesbare recensie uit puren ? Door over meerdere dagen in verschillende sessies het aantal citaten steeds verder te beperken (en in de citaten ook nog alle stopwoordjes enzo weg te laten), maar ook door er wel weer woordjes aan toe te voegen over de andere, niet opgevraagde teksten. Het geheel moet u, lezer, én een goed overzicht bieden van de jongste 'Vrede' én wat boeiende wereldinzichten rijker maken.

 

Het echt grote F35-schandaal:

Belgische collaboratie met Amerikaans kernwapenprogramma

 

Openen doet het lente-2018-nummer van 'Vrede' met het editoriaal "Kernwapentaken, het echte schandaal van de gevechtsvliegtuigen". Ludo De Brabander focust daarin op de obsessie van de Belgische NVA&Co-regering om voor "nieuwe F35-gevechtsvliegtuigen met een kostelijke stealth-capaciteit" te kiezen. Want zoals elders ook te lezen viel: die 'stealth-capaciteit' is al voorbijgestreefd én de F35 blijkt niet zo geschikt voor met name de bewaking van ons luchtruim en de inzet in militaire operaties. Maar het toestel van Lockheed Martin is wel geschikt "om de nucleaire taken in NAVO-verband beter uit te voeren. Over die nucleaire taken blijft het verbazend stil" stelt Ludo.

 

En ja: er liggen nog altijd Amerikaanse kernbommen op Belgische bodem. Iets waarover Belgische regeringen standaard stellen: "We bevestigen noch ontkennen."

Volgens Ludo ligt hier "het echte grote schandaal:

1. dat er voortdurend wordt gedacht in termen van de strategische mogelijkheid kernbommen te droppen. Dat is niet meer of minder dan zich schuldig maken aan het plannen van genocide.

2. dat opeenvolgende regeringen officieel weigeren te verklaren dat er inzetbare kernbommen in ons land liggen; kernbommen waarvoor er geen veiligheidsplannen bestaan in geval van een ongeluk.

3. dat België een loopje neemt met het internationaal recht. Het Non-Proliferatieverdrag (NPT) -waar ons land partij van is- stelt duidelijk dat niet-kernwapenstaten geen kernwapens naar hun land mogen laten transfereren noch de controle mogen krijgen over kernwapens, rechtstreeks of onrechtstreeks."

Het jongste artikel van Ludo (van 19 april) over de gevechtsvliegtuigen is hier te vinden: https://www.vrede.be/nieuws/we-moeten-geen-technisch-maar-een-politiek-debat-voeren-over-gevechtsvliegtuigen

 

"Het Midden-Oosten een hopeloze plek waar geen plaats is voor een nieuw politiek model?"

 

Janet Biehl, een Koerdische solidariteitsactiviste en vertaalster van verschillende boeken over de Koerdische kwestie, was medewerkster en metgezel van Murray Bookchin in de laatste 19 jaar van diens leven. De in 2006 overleden Bookchin was een pionier van de sociaal-ecologische beweging. Biehl publiceerde in 2015 de biografie 'Ecology or Catastrophe: The Life of Murray Bookchin'. Via Bookchin kwam ze in contact met de Koerdische kwestie want aan het eind van Murray's leven werden zijn ideeën opgepikt door de Koerdische beweging.

 

Ludo De Brabander interviewde Biehl en vroeg haar eerst om inzicht in het gedachtegoed van Bookchin.

 

Biehl: "Hij vatte zijn ideeën samen als 'sociale ecologie', een links-libertaire ideologie. In zijn jonge jaren militeerde hij in de communistische beweging. In de jaren 1930. Toen bleek dat marxistische en stalinistische bewegingen faalden, probeerde hij om het revolutionair project te herdenken en vond dat dit gedecentraliseerd, antistaat en antiautoritair moest verlopen. Hij ontwikkelde ideeën over autonoom burgerbestuur in confederaties: libertair municipalisme. Het was volgens hem essentieel om de staat en de regerende elite de macht te ontnemen en die in handen te leggen van de bevolking. Hij was heel erg gewonnen voor een 'face-to-face' democratie. Hij was ook een vroege ecologische denker en waarschuwde al in de jaren 1960 voor de opwarming van de aarde. Om de biosfeer te beschermen tegen vernietiging verdedigde hij de stelling dat mensen pas in harmonie kunnen leven met de aarde, als we een politiek systeem ontwikkelen waarin mensen in harmonie leven met elkaar."

 

In de autonoom bestuurde Syrische regio Rojava ('West-Koerdistan') en in het zuidoosten van Turkije (Bakur) worden een aantal ideeën van Bookchin in de praktijk gebracht. Biehl: "Het gaat voor alle duidelijkheid over de realisatie van een ideologisch project van Abdullah Öcalan - leider van de Koerdische Arbeiderspartij (PKK) - die zich door Murray's werk liet inspireren. Om de PKK-ideologie van het 'democratisch confederalisme' in te vullen, greep Öcalan terug naar een hele reeks bronnen. Een belangrijk onderscheid met Bookchin is de nadruk die Öcalan legt op gender en gendergelijkheid. (...) Het was Öcalan die extra aandacht had voor de gelijke rol van vrouwen, zeker een voordeel voor de Koerdische beweging. Zijn focus op gendergelijkheid kwam niet uit de lucht vallen, maar is het resultaat van vele jaren van vrouwenstrijd binnen de Koerdische beweging.

 

Volgens Biehl "moet je in overweging nemen dat de Koerden de grootste bevolkingsgroep ter wereld zijn zonder eigen staat". Ze gaan er ook niet snel één krijgen. "Bijgevolg was het concept van een bottom-up democratie in een context van autonomie op verschillende niveaus, binnen de bestaande natiestaten Turkije, Iran, Irak en Syrië niet onlogisch."

 

Wie meer wil lezen over hoe de Koerden het aanpakken: het volledige interview met Janet Biehl valt te lezen bij Uitpers. Zie: http://www.uitpers.be/artikel/2018/04/18/we-gaan-toch-besluiten-er-geen-plaats-is-nieuw-politiek-model-midden-oosten/

 

Noteer dat nog andere bewegingen zich door de ideeën van Bookchin lieten inspireren, zoals bv. de Zapatisten in het Mexicaanse Chiapas. Overigens kunnen er bij dat libertair municipalisme ook wel vragen gesteld worden. Zo ontsnappen met name tal van problemen – zoals luchtvervuiling – compleet aan lokale besturen en heeft men daarvoor zelfs continentale of mondiale samenwerking nodig. Anderzijds zijn lokale besturen bij rampen zoals aardbevingen vaak niet bij machte om de noden te verhelpen en is dan solidariteit op een veel grotere, nationale of internationale schaal nodig. Enzoverder.

 

"Het terroriseren van atheïsten in Bangladesh"

 

Na het interview met Biehl, volgen in 'Vrede' bijdragen over hoe de V.S. niet langer de schijn ophoudt een 'eerlijke bemiddelaar' te zijn in het Midden-Oosten (met name tussen Israëli en Palestijnen), over hoe de Iraniërs met hun recente straatprotesten duidelijk maakten een beter leven te willen, over de sociale onrust in Tunesië (hier te lezen: https://www.vrede.be/nieuws/tunesie-zeven-magere-jaren-later) en de machtswissel in Zuid-Afrika waar de corrupte president Zuma wijken moest voor een oud vakbondsleider die zichzelf ook al onaardig wist te verrijken. "Ramaphosa's persoonlijke fortuin wordt geschat op 450 miljoen dollar." "Het is dan ook weinig waarschijnlijk dat Ramaphosa zich zal bewijzen als vriend van arbeiders en armen" koplettert een tussentitel. Het 'mondiale kapitaal' zal graag zaken met hem doen waar zijn land niet beter van zal worden.

 

Nu ja, een supercorrupte leider min of meer in Afrika: wie kijkt er nog van op ? Opkijken deed ik wel van de bijdrage in Vrede van Rumana Hashem. Hashem is een sociologe en seculiere rechtenactiviste uit Bangladesh. Ze werkt aan de Universiteit van Oost-Londen.

 

In "Het terroriseren van atheïsten in Bangladesh" licht Hashem toe hoe extreem "ongelovigen en leden van minderheidsgemeenschappen geconfronteerd worden met arbitraire vervolging door islamistische groepen in Bangladesh. Bovendien introduceerde de regering, die beweert seculier te zijn, draconische straffen voor digitale godslastering."

 

Om één en ander te begrijpen schetst Hashem eerst de historische context. Aan de hand van "Nirala's verhaal" doet ze vervolgens uit de doeken hoe "ook seksueel geweld wordt ingezet tegen atheïstische bloggers. De 22-jarige feministe Nirala werd in 2016 het slachtoffer van een groepsverkrachting en ontvluchtte Bangladesh in 2017. De brutale verkrachting van jonge vrouwen als intimidatiemiddel is wijdverspreid in Bangladesh en het is schokkend hoe deze vorm van geweld specifiek ingezet wordt om atheïstische vrouwelijke bloggers te controleren en te straffen, zeker onder een zelfverklaarde seculiere regering geleid door een vrouwelijke eerste minister, Sheikh Hasina."

 

Islamistische extremisten publiceren ook "hit lists met de namen van atheïsten, schrijvers en activisten die ze zweren te willen vermoorden. De lijsten worden verspreid via sociale netwerken."

 

"Rusland, het binnenland en het buitenland beïnvloeden elkaar"

 

Georges Spriet is een oudgediende van vzw Vrede (en Uitpers). In zijn bijdrage schetst hij hoe "de internationale omgeving altijd een belangrijke rol speelt bij binnenlandse ontwikkelingen, ook in een groot land als Rusland. Wie afhankelijk is van grondstoffen(export) is afhankelijk van de internationale markt. Wie investeringen zoekt voor meer productiviteit moet toegang hebben tot de technologiemarkt. Dat is een centraal probleem dat de zopas opnieuw verkozen president zal moeten aanpakken."

 

Georges begint met het 'hobbelig parcours' te schetsen dat Poetin sinds hij aan de macht kwam, bewandeld heeft: "Achttien jaar geleden, in maart 2000 werd de toen nog niet zo lang tot premier benoemde Vladimir Poetin, tot president verkozen met 52,22% van de stemmen. (...) Ik ging snel even door het archief van het tijdschrift Vrede en we waren het er toen op de redactie over eens dat Poetin de vriend van het Westen was en dat hij de Jeltsin-lijn van de jaren 1990 zou verderzetten."

 

"Na de aanslagen van 9/11 op de WTC-torens (2001) vonden VS-president George W. Bush en Vladimir Poetin elkaar in hun fervent antiterrorisme." Maar Poetin "stond in eigen land wel onder druk van de inlichtingendiensten, het leger, de wapenindustrie, de nationalisten (o.l.v. Zjirinovski), een deel van de samenleving en zelfs van sommige 'liberalen' om toch niet te veel naar het Westen over te hellen."

 

Destijds droomde "Poetin van toenadering met de Europese Unie die een economische ruimte zou creëren van Lissabon tot Vladivostok. Maar de EU lanceerde in 2009 het Oosters Partnerschapsplan (dat nauwere banden aanhaalde met 6 ex-Sovjetstaten, waaronder Oekraïne). Dat leidde in 2013 tot een absolute clash met Moskou en onlusten in Kiev. Uiterst rechtse onruststokers deden de zittende Oekraiënse president vluchten, er kwam een gewapende afscheuring van de Oekraïense regio's aan de Russische grens en de Krim werd na een lokaal referendum ingelijfd bij Rusland. Deze crisis duurt tot op vandaag voort. Het dossier Oekraïne vormde de basis voor de reactivering van het vijandbeeld van Rusland. Het wordt volop door onze regeringen gebruikt om verhoogde militaire inspanningen in West-Europa te verantwoorden, en om alle oproepen voor nucleaire ontwapening naast zich neer te leggen."

 

Het werd allemaal nog erger toen Poetin de zijde van Bashar al-Assad koos in de Syrische oorlog.

"In Rusland zelf begon Poetin de buitenlandse investeringen meer te reguleren en controleren, wat leidde tot tandengeknars in westerse economische kringen. Kortom er heeft zich gedurende de afgelopen twee decennia een soort nieuwe Koude Oorlog ontsponnen, waarbij de naar het oosten uitbreidende NAVO-landen tegenover Rusland en zijn antagonistische president staan."

 

Na al dit buitenland, schetst Georges Spriet vervolgens de Russische binnenlandse situatie onder Poetin. In het begin van zijn bewind groeide de Russische economie sterk maar de jongste tijd blijft de jaarlijkse toename van het Bruto Binnenlands Product (BBP) beperkt tot 1%.

 

Bovendien is zoals Georges stelt "de economie van Rusland zeer afhankelijk van de uitvoer van energiegrondstoffen, olie en gas, en dus van de prijs ervan op de internationale markt. Die prijs heeft Moskou niet in de hand."

 

"Klassieke hefbomen voor groei zijn een grotere productiviteit en een grotere vraag. Ook hier is de internationale scène niet in het voordeel van Poetin. Om de productiviteit te verhogen is er nood aan vernieuwde technologie." De sancties dwarsbomen echter de Russische aankopen op de technologiemarkt én het aantrekken van buitenlandse investeringen.

 

Ondertussen neemt "de ongelijkheid in Rusland toe. (...) De 1% rijksten bezit 25% van 's lands rijkdom. Tegelijk zakt het reële inkomen van de gemiddelde Russische burger al jaren. Hoe de binnenlandse vraag stimuleren als het reëel inkomen daalt? De arbeidsmarkt in Rusland heeft ook een probleem: nood aan nieuwe arbeidskrachten." (NVDR: De Russische bevolking krimpt.)

 

Hoe kan Poetin economische alternatieven ontwikkelen ? "Er is de (eerder moeizame) uitbouw van de Euraziatische Economische Unie met Kazachstan, Armenië, Kirgizië en Wit-Rusland. Daarnaast mikt Moskou op China. Het handelsvolume tussen Rusland en China is in 2017 met 20% gestegen. In 2017 groeide de Chinese export naar Rusland met 14,8%. De Chinese invoer van Russische goederen steeg met bijna 28%. Rusland rekent er ook op zijn profijt te kunnen halen uit de ambitieuze Chinese ontwikkelingsprogramma's die de connectiviteit en de samenwerking tussen Euraziatische landen moeten opdrijven, de 'nieuwe zijderoutes', 'The Belt and Road Initiative'."

 

Cynisch genoeg "wil Moskou ook de klimaatverandering benutten. De Noordoostelijke Doorvaart langs de noordelijke kusten onder de Noordpool wordt langer ijsvrij en dus langer toegankelijk voor schepen. Ook China volgt deze evolutie op de voet, omdat het een alternatieve aan- en uitvoerroute kan worden van en naar West-Europa. Anderzijds doet Rusland, net zoals China, heel wat pogingen om zijn afhankelijkheid van de dollar te verminderen. Het bouwt daartoe een stevige goudreserve op."

 

Vergeten we ook niet dat de westerse vijandschap tegenover Rusland Poetin één voordeel biedt: dat het de Russen zich achter hem doet scharen. En zo kan hij dan nog wel even president blijven.

 

Dossier Duitsland: "Opgelucht weer naar de machinekamer"

 

Na Rusland is het Duitsland dat in de jongste 'Vrede' een heus dossiertje aan zich gewijd krijgt.

 

Edi Clijsters opent met vragen te stellen en toelichting te geven bij de beslissing van de Sociaal-democratische Partij van Duitsland (SPD) om na de tegenvallende verkiezingen van september 2017, toch weer deel te nemen aan een grote coalitie (GroKo)met de christendemocratische Uniepartijen (CDU-CSU). Deels omdat de SPD-leiding het haar plicht vond het land aan een werkbare regering te helpen, zeker gezien het electorale succes van het extreemrechtse Alternative für Deutschland (AfD).

 

Om de kritische eigen achterban daar van te overtuigen, moest de SPD-leiding het zo voorstellen dat "Merkel IV anders wordt". En juist doordat de SPD-partijleiding die kritische achterban tevreden moet stellen, kan de electoraal verzwakte SPD in het nieuwe kabinet "boven haar gewicht boksen". Maar tegelijk zal de SPD het in de GroKo "moeten opnemen tegen christendemocraten die nog meer een conservatief beleid willen doorvoeren, omdat zij veel meer van AfD te vrezen hebben."

 

Bij de verkiezingen van eind 2017 verloor overigens zowat iedereen stemmen aan AfD: de CDU-CSU ongeveer anderhalf miljoen kiezers, de SPD bijna een half miljoen én "sterker nog: bijna een op de twintig AfD-kiezers kwam uit de rangen van 'die Linke', de meest linkse partij in de Bondsdag."

 

Om minstens een deel van de AfD-kiezers weer voor zich te winnen zal Merkel IV "een beleid moeten voeren dat snel en tastbaar tegemoet komt aan de reële noden van de in de steek gelaten onderste 20% van de samenleving. Dat in het rijkste land van Europa het aantal voedselbanken voor behoeftigen de voorbije jaren vervijfvoudigd is, maar nauwelijks aan de vraag kan voldoen, zegt veel over de toename van de armoede. De nood aan behoorlijke en betaalbare huisvesting in de steden is veel groter dan het aanbod van sociale woningen. Landelijke gebieden blijven ontvolken."

 

Gelukkig heeft Duitsland volgens Clijsters "dankzij de gunstige conjunctuur het geld voorhanden. De regering zal het bijgevolg zelfs niet moeten 'gaan halen waar het zit', en hoeft dus voorlopig geen interne krachtmeting te vrezen, tenminste op dat vlak."

 

Op andere vlakken – zie de uitspraak van minister Horst Seehofer (CSU) dat "de Islam niet bij Duitsland hoort" of "het verzet van de christendemocraten tegen een (o zo bescheiden) liberalisering van de abortuswetgeving" – groeien de spanningen wel. Merkel zal volgens Clijsters "al haar ervaring als evenwichtskunstenaar nodig hebben om de coalitieregering te leiden."

 

En de SPD ? "Om de basis te overhalen om de regeringsdeelname goed te keuren, heeft de SPD-partijleiding beloofd dat het beleid van de grote coalitie na twee jaar zal worden geëvalueerd." Dan zal moeten blijken of de SPD-leiding er in slaagt een alternatief te vormen voor de christendemocraten en "niet zomaar de vriendelijkere versie ervan."

 

Overigens komen er eind dit jaar, in oktober, alweer deelstaatverkiezingen. Zo lezen we in het artikel "Merkel IV" van Soetkin Van Muylem dat inzoomt op zowel armoede, migratie alsook wapenexport. "Duitsland speelde de afgelopen jaren haasje-over met Frankrijk voor de titel van grootste Europese wapenexporteur. Op wereldvlak gaan alleen de V.S., Rusland en China deze twee West-Europese naties vooraf." Verwacht wordt dat nieuwe Duitse wetgeving de eigen wapenexport niet echt zal hinderen. Teken aan de wand is het op post blijven van defensieminister Ursula von der Leyen. "Dat deze vrouwelijke havik haar job behouden heeft in de nieuwe regering" voorspelt volgens Soetkin ook "niet veel goeds wat het ontmijnen van de huidige internationale spanningen betreft."

 

"De renaissance van de Duitse beweging voor het recht op abortus"

 

Ronduit bizar komt het artikel van Kathleen Brown over de Duitse abortusbeweging over. Ongelooflijk maar onze oosterburen hanteren nog anti-abortuswetten die hun basis vinden in ... het Nazi-tijdperk !

 

Brown start met de veroordeling in november 2017 van de Duitse dokter Kristina Hänel. "Ze kreeg een boete van 6000 euro opgelegd door de districtsrechtbank van Gießen. Haar misdaad? Ze had abortus als een medische dienst aangeboden op de website van haar praktijk. Dr. Hänel werd aangeklaagd onder Paragraaf 219a van een wet uit het Nazi-tijdperk, die het publiekelijk adverteren van abortusdiensten criminaliseert. Het vergrijp is strafbaar met een gevangenisstraf tot 2 jaar."

 

Nochtans is abortus in Duitsland "wel een normale praktijk. Elk jaar kiezen meer dan 100.000 individuen in Duitsland ervoor om een ongewenste zwangerschap te beëindigen."

 

'Technisch' blijft abortus "illegaal onder Paragraaf 218, waarin de praktijk gelijkgesteld wordt aan moord en doodslag. Alleen dankzij een later toegevoegd amendement kan abortus tegenwoordig wel, mits aan specifieke voorwaarden voldaan: vrouwen kunnen alleen een abortus laten doen binnen de eerste 12 weken van hun zwangerschap, nadat ze een verplichte sessie met een gecertificeerd therapeut gevolgd hebben en vier dagen gewacht hebben tussen het bezoek aan de therapeut en de procedure."

 

Nu heeft Duitsland ook zijn 'anti-abortus-activisten': die intimideren medische verstrekkers van de procedure. "Zo geeft de anti-abortus fundamentalist Klaus Günter Annen van "Nie Wieder e.V" -een organisatie die abortus gelijkstelt aan de Holocaust- jaarlijks zo'n 27 dokters aan bij de autoriteiten."

 

Oude demonen

 

Volgens Kathleen Brown heeft "de aanval op Dr. Hänel in het najaar van 2017 veel te maken met een rechterzijde die zich gesterkt voelt door de verkiezingen. Daarin won het extreemrechtse AfD 94 zetels in de Bundestag. Het AfD is tegen abortus en tegen "alle pogingen om abortus te bagatelliseren, om overheidssteun te verkrijgen voor abortus of om abortus als een mensenrecht te bestempelen". Vooraanstaand AfD-lid, Beatrix von Storch - kleindochter van Hitlers minister van Financiën Lutz Graf Schwerin von Krosigk- is de drijvende kracht achter de jaarlijkse anti-abortusmars in Berlijn."

 

Bij de AfD maakt de anti-abortuspositie "deel uit van haar xenofobe en pro-'natalistische' ideologie. Die ziet Duitslands blanke bevolking bedreigd door dalende geboortecijfers en toenemende buitenlandse immigratie. Sectie 6.2 van het politiek programma van de partij, getiteld 'Grotere gezinnen in plaats van massale immigratie', waarschuwt dat immigrantengezinnen met hogere geboortecijfers dan Duitse gezinnen, de "etnisch-culturele veranderingen in de maatschappij" zullen versnellen. AfD's oplossing voor dit "probleem" komt recht uit het fascistisch draaiboek: "Duitslands negatieve demografische trend moet worden tegengegaan... De enige middellange en langetermijnoplossing is het verwerven van een hoger geboortecijfer bij de inheemse bevolking door een gezinsbeleid te stimuleren".

 

Dit doet denken aan de eugenetische oorsprong van Paragraaf 219a – onderdeel van het 'raciaal hygiëne'-programma van de Nazi's. Het streefde ernaar de "Arische" bevolking onder dwang uit te breiden en de "vernietigers van de cultuur", zoals de joden, buitenlanders en "individuen die het leven onwaardig zijn", in te perken. De Berlijnse Raad van Artsen verklaarde in 1933 dat de praktijk van abortus 'met strakke hand uitgeroeid zal worden'. Ondertussen beloonde Hitler elke vrouw met 4 of meer kinderen, met het Erekruis van de Duitse Moeder. Dit aanroepen van "raciale hygiëne" is zichtbaar in een verkiezingsposter van AfD uit 2017 waarop de buik van een blonde, zwangere vrouw te zien is met het onderschrift: "Nieuwe Duitsers? Die maken we zelf".

 

Duitsland kent echter ook vrouwen die 'baas over eigen buik' willen zijn en het debat over abortus is volop gaande. Ook in de regering. Ook op het niveau van de federale staten. In de Bundestag kwam het dankzij Sociaaldemocraten, Groenen, die Linke én de neoliberale Vrije Democratische Partij zelfs tot een eerste debat over de abortuswet in 20 jaar.

 

60.000 mensen op Poolse extreemrechtse onafhankelijkheidsmars

 

Na Rusland en Duitsland, gaat de aandacht van 'Vrede' naar twee landen die zich tussen de beide Europese mogendheden in situeren: Polen en Hongarije. Twee 'postcommunistische' landen waar rechts en extreemrechts aan een opmars bezig is.

 

In hun bijdrage over Polen stellen Kasia Narkowicz en Bolaji Balogun vragen bij het feit dat op 11 november 2017 zo'n 60.000 mensen deelnamen aan de Poolse Onafhankelijkheidsmars, georganiseerd door leden van twee Poolse extreemrechtse groeperingen. "Een mars van deze omvang doet vragen rijzen over de rol van racisme in het land."

 

Racisme dat volgens Narkowicz en Balogun "een lange stille geschiedenis in Polen heeft en zich uit in de manier waarop geracialiseerde bevolkingsgroepen (moslims, joden, Roma) beschouwd en behandeld worden. (...) Blankheid en een raciale politiek zijn de sleutelkenmerken geworden van een nationalistisch project dat uitgedragen wordt door de huidige Poolse regering, die heterogeniteit ziet als bedreiging."

 

Die onafhankelijkheidsmars is gelinkt aan de herdenking elk jaar op 11 november van de herovering van de Poolse onafhankelijkheid in 1918: Polen verscheen toen opnieuw op de Europese kaart nadat het er 123 jaar van was verdwenen. Toen Polen aan het eind van WO II van de nazi-bezetting 'bevrijd' werd door het Sovjetleger begon een nieuwe periode van afhankelijkheid waar pas eind vorige eeuw een eind aan kwam, al blijft Rusland voor veel Polen nog altijd een grote bedreiging.

 

Bedreigd voelen veel Polen zich blijkbaar ook door de migratiecrisissen. Toen in 2015 de rechtse PiS de Poolse verkiezingen won, viel dat samen "met de escalatie van de 'vluchtelingencrisis'." Narkowicz en Balogun: "PiS gebruikte de aangroeiende aantallen vluchtelingen die arriveerden in Europa om te mobiliseren tegen immigratie en om haar eigen politieke agenda van gesloten grenzen te versterken. (...) De PiS-regering weigerde vluchtelingen op te nemen, tenzij het christenen waren."

 

"Wat Orbán weet en zijn vijanden niet"

 

Narkowicz en Balogun eindigden hun bijdrage met een oproep om het anders aan te pakken, maar voorlopig zit dat er niet in voor Polen, noch voor zuidelijk buurland Hongarije. In een artikel van 4 pagina's beschrijven Martino Comelli en Vera Horváth hoe en waarom Hongarije nu al jaren geleid kan worden door de rechtse premier Victor Orban die zopas nog nieuwe verkiezingen won.

 

Comelli en Horváth ronden echter hoopvol af met te stellen dat "onze analyse erop wijst dat er in Hongarije een immense opportuniteit en potentieel is voor een jong en antikapitalistisch politiek links. Paradoxaal genoeg is het Orbán die daarvoor het pad effende. Net als hem moet de oppositie echt beginnen luisteren naar de bevolking in de rurale gebieden en naar de vele werkende armen, in plaats van zich in te beelden dat de liberalisering hen zal verheffen uit de armoede die gecreëerd werd door de post-socialistische economische herstructurering."

 

"Macron moest de anti-Trump worden, maar is dat niet"

 

Over het beleid van de Franse president Macron moesten we ons geen illusies koesteren. Toch leek hij een welgekomen tegengewicht voor bullebak Trump. De schijnbare rivaliteit was echter van korte duur ..

 

Net als Trump is Macron een "president van de rijken". Juliette Legendre omschrijft Macron in haar bijdrage in Vrede als "een rechtse, economisch zeer liberale, elitaire monarch, die veel meer gemeen heeft met Trump dan zijn bewonderaars zich hadden kunnen inbeelden. De voormalige investeringsbankier wachtte niet al te lang om het fundament van de Franse arbeidsmarkt door elkaar te schudden. (...) Macrons 'hervormingen' reorganiseerden de Franse arbeidsmarkt op een manier die ongekende macht geeft aan de werkgevers en bedrijven."

 

Verder kortwiekte Macron op zijn 'Trumps' de vennootschapsbelasting tot 25% (van 33%), "schafte een al lang bestaande 'solidariteitsbelasting op rijkdom' af, schrapte 1,7 miljard euro aan huisvestingssubsidies en elimineerde 120.000 openbare banen. Dit zette de Franse econoom Thomas Piketty ertoe aan Macron te vergelijken met Trump."

 

"Beide mannen, argumenteerde Piketty, delen dezelfde gebrekkige economische visie – een variant van de 'trickle-down'-theorie waar Reagan en Thatcher bij zweerden. Zowel Macron als Trump beweren verkeerdelijk dat het verminderen van de belastingen op de rijken ten goede komt aan de hele maatschappij, aan de gewone mensen. Het zou de economie aanwakkeren omdat het de rijken stimulansen geeft om in hun eigen land te investeren. Deze theorie werd uiteraard nog nooit wetenschappelijk bewezen – wel integendeel. Rapporten hebben aangetoond dat deze maatregelen bijdragen tot een toename van de diepe ongelijkheid."

 

Ook inzake migratie ging Macron Trump achterna. Dat via een voor begin 2018 aangekondigde nieuwe migratie- en asielwet die het beleid aanzienlijk strenger maakt.

 

Legendre besluit: "Het is waar, de Franse president is hoogopgeleid, is in staat om filosofische discussies te voeren en hij scheldt zijn opponenten niet uit op Twitter zoals zijn Amerikaanse tegenhanger, die vaak omschreven wordt als onstabiel, provocatief en vulgair. Ze hebben echter allebei autoritaire neigingen en een grote minachting voor armen. Als er een humaan alternatief is voor de plutocratische en xenofobe politiek van rechts aan beide zijden van de Atlantische oceaan, zal het niet te vinden zijn in het bedrieglijk rechtse centrisme van Macron."

 

PESCO of hoe Europese lidstaten zichzelf in het militaire gareel dwingen

 

Al gehoord van PESCO ? "In de parlementaire commissies Buitenlandse Betrekkingen en Defensie wordt er sporadisch een vraag aan gewijd" schrijft Ludo De Brabander, "maar op een onderbouwde discussie, laat staan een oppositiestem is het wachten. (...) Nochtans heeft de Europese besluitvorming rond militarisering verregaande gevolgen voor het nationale defensiebudget: voor militaire investeringen, de aanwending van belastinggeld voor militair onderzoek en de omvorming en inzet van het leger."

 

En wat is PESCO ? Kort samengevat: "het embryo van een Europese Defensie Unie".

 

Zomer 2016 heette het in de 'Mondiale strategie van de EU' dat de "EU versterkt moet worden als een veiligheidsgemeenschap". Nadien werden programma's opgestart zoals CARD ('Coordinated Annual Review on Defence') dat de defensiesamenwerking tussen de lidstaten moet verbeteren en PESCO ('Permanent Structured Cooperation') voor lidstaten die verder willen gaan qua defensiesamenwerking.

 

De term PESCO had al een plaats in het Verdrag van Lissabon (2009), maar leidde een decennium lang een slapend bestaan. "Een aantal internationale ontwikkelingen leverden het Militair-Industrieel Complex de gedroomde argumenten om PESCO – "doornroosje", dixit Europees Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker – eindelijk tot leven te wekken. Eén daarvan is de veranderde veiligheidsomgeving."

 

Volgens Donald Tusk, voorzitter van de Europese Raad, moeten we dan denken aan "een assertief China; Ruslands agressieve politiek tegenover Oekraïne en zijn buren; oorlogen, terreur en anarchie in het Midden-Oosten en Afrika, waarbij de radicale islam een belangrijke rol speelt."

 

De komst van president Trump gaf de Europese militarisering eveneens een duw. Europa moet meer inspanningen leveren voor de modernisering van de NAVO, stelde hij. Maar ook het wantrouwen tegenover Trump wordt gebruikt als pleidooi voor een militair autonomer Europa.

 

"Minder zichtbaar zijn de belangen van de Europese wapenindustrie als drijvende kracht achter de militarisering" schrijft Ludo. "Die industrie kampt met groeiende concurrentie op de wereldwijde wapenhandelmarkt, maar wil zich ook beter meten met de machtige wapenindustrie van de VS, zeker met het oog op de grote militaire bestellingen die de Europese lidstaten plannen in de komende jaren."

 

Gelukkig kan je misschien stellen, hebben de twee (na de Brexit) resterende Europese topspelers – Frankrijk en Duitsland – "verschillende belangen". "Voor de voormalige koloniale macht Frankrijk ligt de prioriteit op de versterking van de militaire capaciteiten om interventies te uit te voeren in de zuidelijke zone (Afrika, Midden-Oosten). (...) Duitsland wordt eerder gemotiveerd door de idee van een heuse 'Europese Defensie Unie'. Berlijn staat nogal huiverachtig tegenover een scenario waarin het verplicht zou worden de aanwezigheid van de Bundeswehr in Afrika en het Midden-Oosten uit te breiden. "

 

De Oost-Europese lidstaten hebben nog andere prioriteiten: Rusland. "Polen is een spil geworden voor de militaire activiteiten van de VS aan de Europese oostflank."

 

Hoe dan ook: "de Europese militaire motor draait op volle toeren". "Nooit eerder is het Militair Industrieel Complex in Europa zo op zijn wenken bediend" moet Ludo De Brabander besluiten. (Voor zijn volledig artikel: http://www.uitpers.be/artikel/2018/04/16/pesco-hoe-europese-lidstaten-gareel-dwingen/)

 

"Mondiale militaire ontplooiing heeft terrorisme-dreiging niet gereduceerd"

 

Wist u dat de Verenigde Staten van Amerika 'speciale strijdkrachten' actief hebben in 149 van de zo'n 200 landen op de wereld ? Nick Turse, journalist en redacteur van www.tomdispatch.com , doet het in Vrede uit de doeken.

 

Turse begint met het bekendste Amerikaanse militaire operatieterrein in de wereld: Afghanistan. Niet echt een succes. In 2001 hadden Amerikaanse speciale eenheden daar slechts 2 vijandelijke doelwitten: al-Qaeda en de Taliban. Volgens een recent Pentagon-rapport bestrijdt het Amerikaanse leger er nu al meer dan 10 keer zoveel militante groepen, waaronder nog steeds de Taliban.

 

Sinds 2001 verdubbelde de omvang van het Amerikaanse 'Special Operations Command' (USSOCOM) van 33.000 personeelsleden tot 70.000. "USSOCOM is het deel van het ministerie van Defensie dat als taak heeft de verscheidene operaties van alle Amerikaanse speciale eenheden in de verschillende componenten van het VS-leger te overzien. De aangroei van het USSOCOM ging gepaard met een groter mondiaal bereik. Amerikaanse speciale eenheden waren in 2017 ontplooid in 149 landen, ongeveer 75% van alle landen op aarde."

 

Sinds 2006 al is de ontplooiing van de Amerikaanse speciale eenheden overal in opmars. In Latijns-Amerika ging het van 3% naar 4,39%. In de regio van de Stille Oceaan van 7% naar 8%. De opvallendste stijgingen zijn er in Europa en Afrika. In 2006 werd 3% van alle overzeese commando's ingezet in Europa. In 2017 al meer dan 16%. "Buiten Rusland en Wit-Rusland trainen we met bijna elk Europees land, ofwel bilateraal ofwel via verschillende multinationale evenementen."

 

Afrika kende de grootste toename. In 2006 lag het cijfer op 1%. Eind 2017 op 16,61%. Afgezien van het Midden-Oosten, zijn er meer Amerikaanse commando's aanwezig in Afrika dan in eender welke andere regio. Amerikaanse speciale eenheden waren in 2017 actief in tenminste 33 Afrikaanse landen.

 

Met name ook Somalië. Uit de cijfers blijkt dat de VS in 2017, 34 luchtaanvallen lanceerden in Somalië. Maar net zoals in Afghanistan gaat het de verkeerde kant op. De Amerikanen strijden er niet meer tegen één maar tegen minstens twee terreurgroepen: al-Shabaab en een lokale variant van Islamitische Staat.

 

"De onder-gerapporteerde Amerikaanse interventie in Somalië volgt een patroon dat gelijkaardig is aan dat van de grotere VS-oorlog in Afghanistan. Een influx van speciale eenheden en een toename van luchtbombardementen zijn er niet alleen totaal niet in geslaagd om terrorisme af te stoppen, maar zowel al-Shabaab als de lokale IS-variant zijn er nog gegroeid", observeerde William Hartung. "Een zoveelste weigering lessen te trekken uit het Amerikaans beleid van eindeloze oorlog".

 

Ook elders op het Afrikaanse continent blijven de vijanden van Washington zich vermenigvuldigen. USSOCOM maakte in 2012 gewag van 5 belangrijke terreurgroepen op het continent. Eind 2016 waren er al 7: Islamitische Staat, Ansar al-Sharia, al-Qaida in de Landen van de Islamitische Maghreb, al-Murabitun, Boko Haram, het Verzetsleger van de Heer en al-Shabaab. Naast nog "andere gewelddadige extremistische organisaties". Anno 2018 werkt het Pentagon met een lijst van 21 "actieve militante islamistische groepen" in Afrika.

 

Met William Hartung kunnen we besluiten dat de 'Speciale Operaties' niet de oplossing vormen. "Er zit geen enkele overtuigende veiligheidslogica achter de Amerikaanse speciale operaties-troepen in 149 landen, aangezien dat er evenveel kans is dat de resultaten van deze missies nog grotere conflicten uitlokken dan dat ze die doet afnemen. Voor een groot stuk omdat de Amerikaanse militaire aanwezigheid al te vaak dient als rekruteringsinstrument voor lokale terroristische organisaties."

 

Dat met het opdrijven van de Amerikaanse militaire aanwezigheid in het buitenland, ook de Amerikaanse militaire uitgaven naar recordhoogtes geklommen zijn, zal u niet verbazen. In nog een ander artikel in 'Vrede' geeft Lawrence Wittner daar cijfers over. Zo vernemen we dat "de Amerikaanse militaire uitgaven beslag leggen op 54 % van het federale overheidsbudget". En als Trump zijn zin doordrijft, wordt dat 65 % in 2023. In combinatie met de belastingcadeaus aan de rijken, "zal dit leiden tot verwoestende besparingen in de uitgaven voor onderwijs, gezondheidszorg, parken en recreatiefaciliteiten, voedseldistributie, jobs, infrastructuur en andere openbare programma's'." Om nog te zwijgen over de mondiale bewapeningswedloop die de V.S. zo aandrijven.

 

Waarom bespioneert Canada zijn inheemse gemeenschappen?

 

"Inheemse naties treden op de voorgrond als verdedigers van grond en water, maar staatstoezicht op deze groepen is disproportioneel en reflecteert de brede criminalisering van inheemse volkeren. "

 

Zo openen Lex Gill en Cara Zwibel hun artikel over hoe overheidsorganen in Canada inheemse activisten en organisaties bespioneren. Hun artikel wil een samenvatting brengen "van wat er gekend is over de praktijken om inheemse leiders en activisten in de gaten te houden, en van de impact ervan." Via onderzoek en journalistiek werk, kwam een patroon aan het licht van uitgebreide overheids-surveillance.

 

Zo rapporteerde de Toronta Star dat "de nationale politie (RCMP) in 2007 een Gezamenlijke Inlichtingen Groep (JIG) oprichtte voor het monitoren van activiteiten van inheemse groepen. Deze eenheid werd in 2010 ontmanteld, maar RCMP weigert te antwoorden op de vraag of dezelfde activiteiten verdergezet worden onder een ander programma. De JIG focuste vanaf 2009 voornamelijk op 18 "problematische gemeenschappen", gemarkeerd omwille van hun verzet tegen houtkap, mijnbouw of pijpleiding-projecten. De JIG rapporteerde wekelijks aan ongeveer 450 'recipiënten', waaronder industriepartners. Een verontrustende informatie-uitwisseling tussen overheid en private bedrijven."

 

"In 2015 keurde de federale regering Wet C-51 goed om nog meer informatie te delen onder regeringsagentschappen over ''bedreigingen voor cruciale infrastructuur' of 'voor de economische en financiële stabiliteit van Canada'. (...) Inheemse rechten- en milieuactiviste Melina Laboucan-Massimo omschrijft de effecten van Wet C-51 zo: "Het is dit soort wetgeving die het moeilijk maakt voor mensen om niet zodanig bang te worden dat ze gaan zwijgen, en voor mensen als ik, die geloven dat we een rechtvaardige transitie naar hernieuwbare energie nodig hebben, om vreedzaam te protesteren omdat dit gezien kan worden door de Canadese overheid als een misdaad. Maar dit is niet nieuw voor de inheemse volkeren in Canada. Het is de voortzetting van kolonialisme in een nieuwe vorm van grondstofwinning, milieu- en culturele genocide."

 

Gill en Zwibel wijzen er op dat de Canadese regering nog maar pas de geschiedenis van geweld en kolonialisme tegen inheemse volkeren erkende. Zoals Pam Palmater getuigde voor het Lagerhuis in 2015: "Elk aspect van onze identiteit is gecriminaliseerd, zowel historisch als in de huidige tijd. In elke situatie moesten we deze wetten weerstaan, in het achterhoofd houdend dat dit allemaal rechtsgeldige wetten waren. Het was wettelijk om de scalp van een Mi'kmaq te pakken. Het was wettelijk om ons in reservaten te stoppen. Het was wettelijk om ons juridische vertegenwoordiging te ontzeggen. Dit waren allemaal wetten in Canada. We werden gedwongen criminelen te zijn, in die zin dat we de wet moesten breken om ons leven, onze fysieke veiligheid en onze identiteiten te kunnen behouden."

 

Nu nog "leeft 60% van de First Nation-kinderen in reservaten in armoede en er zijn meer dan 70 First Nation-gemeenschappen die voor langere periodes geen drinkbaar kraantjeswater hebben. Er is een systematisch patroon van excessieve ordehandhaving en de opsluiting van inheemse personen blijft een basiskenmerk van het Canadese rechtssysteem. Hoewel First Nation, Métis en Inuit-gemeenschappen 4% van de Canadese bevolking vormen, maken ze meer dan 23% uit van de gevangenisbevolking."

 

Als de Canadese overheid dan ook nog door alomtegenwoordige surveillance een klimaat schept van onveiligheid, dan worden de mogelijkheden van de Canadese inheemsen om iets aan hun levenscondities te verbeteren én hun leefomgeving te beschermen, nog verder gehypothekeerd. Gill en Zwibel vermelden het niet, maar wat moet je dan denken van de vlotte jonge Canadese premier Trudeau die zich afzettend tegen Donald Trump met open armen Syrische vluchtelingen welkom verklaarde ? Waarmee hij eigenlijk andermans grond aan het wegschenken was, zou je kunnen stellen. 'Cui bono' ? Wie heeft daar in Canada belang bij ?

 

En dan nu tijd voor ... uw gratis proefnummer

 

Hebben we nu alles gehad ? Neen nog niet: er staan nog andere boeiende/belangrijke bijdragen in de jongste Vrede. Zoals bv. het artikel over de moord op 14 maart op Marielle Franco in Rio de Janeiro, een linkse zwarte vrouw die met name protesteerde tegen het "brutale politiegeweld waar de geplaagde favela-bevolking mee geconfronteerd wordt." Sinds de rechtse president Temer in februari de ordehandhaving in Rio aan het leger overliet, kan het alleen maar erger worden. Glijdt Brazilië opnieuw af naar een militaire dictatuur ? Temer stelde alvast nogal wat militair personeel aan op posten gerelateerd aan 'veiligheid'. Veiligheid voor wie ?

 

Helemaal eindigen doet 'Vrede nr 445' met de oproep 'Geen Vlaams geld voor militair onderzoek' en de vaste achterflap-rubriek 'Te zot om los te lopen' waarin uiteraard ook de F35-saga niet ontbreekt.

 

Bon, als u nu nog niet overtuigd bent dat indien u nog niet op Vrede geabonneerd bent, u dat dringend doen moet, weet ik het ook niet meer. Om te beginnen kunt u alvast kennismaken via een gratis proefnummer: zie https://www.vrede.be/proefnummer

 

Laten we hopen dat Ludo, Georges, Soetkin, Paul en al de anderen achter Vrede, ons nog vele jaartjes boeiende inzichten zullen weten te verschaffen. Zodat onze gekke tijd weer wat minder gek lijkt ...

 

Jan-Pieter Everaerts

Deze recensie verscheen eerder in het ezine De Groene Belg; Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.