Koopkrachtplakkaat

EnergieplakkaatC

173646265 10222054268599783 1356797931624160070 n

Delen van artikels

‘Ofwel moeten vluchtelingen integreren, ofwel mogen ze het niet. Niemand die vraagt waar ze klaar voor zijn’

MAARTEN LUYTEN. 23 AUGUSTUS 2023

Twintig jaar geleden vluchtte ze uit Tsjetsjenië. Vandaag werkt ze in een opvangcentrum voor Oekraïense vluchtelingen. Het pad van Radimchan Palankoyeva, is radicaal anders dan dat van de mensen die ze begeleidt. Toch liggen ze zo dicht bij elkaar. ‘Ofwel moeten vluchtelingen integreren, ofwel mogen ze het niet. Niemand vraagt hen waar zij klaar voor zijn.’

Veel valt er over haar leven niet te vertellen, vindt Radimchan Palankoyeva. Zo bijzonder was het niet, en ook niet moeilijk. Met die bescheidenheid opent ze het gesprek, om daarna in één adem te vertellen dat ze 19 jaar oud en hoogzwanger was toen de Tweede Tsjetsjeense Oorlog uitbrak.

Ooit kwamen ze zelf als vluchteling naar België, nu helpen ze Oekraïense vluchtelingen. Hoe vergelijken deze hulpverleners hun eigen ervaringen met wat vandaag gebeurt?

MO* zocht enkele hulpverleners met een vluchtverleden op. Ze getuigen over verlies, veerkracht en de stap van vluchten naar helpen. Geen aflevering missen? 
Schrijf je in op (één van) onze gratis nieuwsbrieven.Haar toenmalige vriend was al eens ondervraagd en zat ‘in het systeem', wat betekende dat de Russische overheid hem zou opsporen zodra ze de macht grepen in de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny. Veilig waren ze niet, dus vluchtte Palankoyeva naar België.

‘Ik herinner me nog hoe ik me bij het OCMW aanmeldde en een medewerkster met grote ogen naar mijn buik keek. Ze vroeg voor wanneer de bevalling was. “Nu”, gebaarde ik met mijn handen. “Het is nu aan het gebeuren.”'

Terwijl ze het vertelt, gebruikt ze precies dezelfde handgebaren. Vervolgens barst ze in lachen uit. Haar eerste kind werd de dag na haar aankomst in België geboren.

Negen uur interview

Palankoyeva's eerste verzoek voor internationale bescherming werd afgekeurd. Tsjetsjenen die vluchtten tijdens de Eerste Tsjetsjeense Oorlog kregen snel asiel, maar voor wie vluchtte tijdens de Tweede Oorlog was dat niet zo eenvoudig. De internationale gemeenschap beschouwde die oorlog eerder als een intern conflict en de aanval door Rusland als een operatie tegen terroristen (zie kader).

De twee Tsjetsjeense Oorlogen

Nadat de Sovjet-Unie in 1991 uiteen viel, riep Tsjetsjenië de onafhankelijkheid uit. Dat resulteerde in de Eerste Tsjetsjeense Oorlog, van 1994 tot 1996, die eindigde met een Russische aftocht.

Lang was de onafhankelijkheid niet: in 1999 sloeg Rusland terug, niet toevallig het jaar waarin Poetin president werd. Volgens veel analisten heeft hij de spanningen met Tsjetsjenië gebruikt en zelfs extra aangewakkerd om aan de macht te komen.

Tegen 2000 had Rusland de volledige controle over de republiek verworven. Hoewel de guerrillastrijd en opstanden doorgingen tot 2009, sprak Rusland niet langer van een oorlog maar van antiterreuroperaties. Op die manier gebruikten ze anti-islamitische sentimenten om hun militaire acties te legitimeren, ook naar de internationale gemeenschap toe.

De Tsjetsjeense Oorlogen gelden als een van de bloederigste bladzijden uit de geschiedenis van het moderne Rusland. Talloze burgers zijn verdwenen en geschat wordt dat er tot 200.000 dodelijke burgerslachtoffers waren. Tot op heden zijn er 57 massagraven ontdekt. Sinds 2004 heeft het Europees Hof voor de Rechten van de Mens Rusland meermaals veroordeeld voor ontvoeringen, folteringen en executies van burgers tijdens de twee oorlogen.

Vandaag wordt Tsjetsjenië geleid door Ramzan Kazyrov, Poetins ‘waakhond’ die bekendstaat om zijn agressieve regeerstijl. Repressie en verdwijningen van burgers zijn nog steeds een realiteit.

Het duurde bijna vijf jaar voor Palankoyeva bescherming kreeg in België. Tegen die tijd had ze al drie kinderen. ‘Het interview voor onze tweede aanvraag duurde negen uur. De Tsjetsjeense tolk vertaalde de zeer gedetailleerde vragen om uit te maken of wij wel écht Tsjetsjenen waren.'

Palankoyeva verkreeg de Belgische nationaliteit na zeven jaar, maar het gevoel dat dit haar land was, kwam pas veel later. ‘Wanneer ik al tien jaar hier was, werd mijn dochter ernstig ziek. Ik kon nog altijd geen Nederlands en begreep niets van wat de artsen zeiden. Plots besefte ik: “Dit is niet goed voor mijn kinderen.”’

Terwijl ze de eerste jaren niet wist of ze wel hier zou blijven, was het na tien jaar duidelijk geworden dat Tsjetsjenië niet veilig zou worden. Intussen waren Palankoyeva's kinderen hier opgegroeid en hadden ze weinig connectie met haar cultuur. ‘Mijn kinderen zijn Belgen.’

Het systeem is niet perfect

Vandaag werkt Palankoyeva in het opvangcentrum voor Oekraïense vluchtelingen in Leuven. Ze houdt de dagelijkse werking draaiende en vormt een aanspreekpunt voor de bewoners. Daarnaast werkt ze bij het Centrum Algemeen Welzijnswerk, waar ze Oekraïense vluchtelingen onthaalt en psychosociale ondersteuning biedt.

Palankoyeva moest zelf jaren wachten op bescherming. Intussen is het asiel- en vluchtelingenbeleid nog strenger geworden. Sinds 1 maart 2022 mogen asielzoekers van wie de aanvraag tot bescherming nog in behandeling is, niet aan een inburgeringstraject beginnen. Ook voor een cursus maatschappelijke oriëntatie of lessen Nederlands, moeten ze het verdict afwachten, wat gemakkelijk 1,5 jaar duurt.

Oekraïense vluchtelingen krijgen wel onmiddellijk een tijdelijk beschermingsstatuut. Ze worden aangesloten bij het OCMW, ontvangen een leefloon, mogen Nederlands leren en krijgen toegang tot opleidingen en de arbeidsmarkt.

Palankoyeva begrijpt waarom het bij haar zo lang moest duren. Er wordt veel misbruik van gemaakt, zegt ze, dus is het belangrijk dat we goed onderzoeken of iemand werkelijk nood heeft aan bescherming. ‘En ja, ook dan glippen er nog mensen door de mazen van het net. Aan de andere kant zijn er ook Tsjetsjenen die na een negatief oordeel werden teruggestuurd naar Tsjetsjenië en nu dood zijn.'

Ze fronst, alsof ze even met haar gedachten in de knoop ligt en slaakt dan een zucht. 'Het systeem is nu eenmaal niet perfect.’

'Ik snap het niet: ofwel moeten vluchtelingen integreren, ofwel mogen ze het niet. Niemand die vraagt waar zij klaar voor zijn.’

Rollen we toch niet voor Oekraïners eerder de rode loper uit dan voor andere vluchtelingen? Palankoyeva is stellig: ze weet niet of de steun die Oekraïners krijgen écht beter is. Ze kunnen zich dan wel snel integreren, maar zijn ook verplicht zich snel te integreren.

'Ik ken mensen die zijn teruggekeerd naar Oekraïne omdat ze die druk niet aankonden', zegt ze. 'Ze zijn nog zo verbonden met hun land. Ze zijn niet klaar om de taal te leren alsof ze zullen blijven. Ik snap het niet: ofwel moeten vluchtelingen integreren, ofwel mogen ze het niet. Niemand vraagt hen waar zij klaar voor zijn.’

Nazi’s en terroristen

Dat haar procedure vijf jaar duurde terwijl Oekraïners onmiddellijk bescherming krijgen, vindt Palankoyeva niet erg. ‘Wat me wel pijn doet, is dat niemand Tsjetsjenen heeft geholpen. Ze geloofden ons niet. Rusland noemde ons terroristen en de wereld ging mee in dat verhaal. Zelfs nu nog worden Tsjetsjenen uit Frankrijk gedeporteerd.’

'Rusland noemde ons terroristen en de wereld ging mee in dat verhaal.'

Daarmee verwijst ze naar Magomed Gadaev. De 39-jarige man werd in 2021 gedeporteerd omdat hij extremistische ideeën zou koesteren. Zijn deportatie ging in tegen het vonnis van de nationale rechtbank voor asiel omdat Gadaev in Rusland gevaar loopt. Hij is getuige in een onderzoek naar folteringen door de Tsjetsjeense autoriteiten. Na zijn deportatie werd hij effectief in Rusland opgepakt en veroordeeld tot een gevangenisstraf.

Volgens Palankoyeva komt er nu pas verandering in de manier waarop de internationale gemeenschap naar de Tsjetsjeense Oorlogen kijkt — net dankzij de oorlog in Oekraïne. ‘Op de Russische televisie hoor je dezelfde mensen precies dezelfde dingen zeggen over Oekraïners vandaag als wat 20 jaar geleden over Tsjetsjenen gezegd. Wij waren terroristen, Oekraïners zijn nazi’s.’

Bedachtzaam, alsof ze elk woord weegt, zegt Palankoyeva: ‘Uiteindelijk is er niet zo’n groot verschil. We wachten allemaal in onzekerheid. Ook Oekraïners weten niet hoe lang ze in Europa mogen blijven, of wat er zal gebeuren na de oorlog.’

‘Bovenal zijn we ook allemaal mensen aan Poetin verloren. Oekraïense mannen sterven aan het front omdat hun land banden met Europa smeedde. Als Belarus zo pro-Europees was, waren Belarussische mannen nu ook aan het sterven. Dan is het toch maar normaal dat de EU hun vrouwen en kinderen opvangt?'

'Ik wil niet zeggen dat het beleid voor Oekraïners beter is, want wie weet wat er nog voor hen volgt.’

Het is de eerste keer in het gesprek dat Palankoyeva, die anders zo beheerst is, zich opwindt. 'Nee, ik wil niet zeggen dat het beleid voor Oekraïners beter is, want wie weet wat er nog voor hen volgt.’

Moeder verliezen

Terwijl Palankoyeva in haar dagelijkse leven Oekraïense vluchtelingen ondersteunt, is haar eigen familie nog steeds niet veilig. In 2011 kwam haar moeder naar België en diende Palankoyeva een aanvraag in voor gezinshereniging. Een maand geleden kreeg ze daar het antwoord op: negatief.Vlak voor dat Palankoyeva die aanvraag 12 jaar geleden indiende, veranderde de wetgeving. Sinds 1980 stelde de wet dat zowel minderjarige als meerderjarige kinderen een aanvraag konden indienen voor gezinshereniging met hun ouders. Op 8 juli 2011, rond de tijd dat Palankoyeva's moeder naar België kwam, wijzigde de wet: sindsdien mogen enkel kinderen onder 18 jaar een aanvraag indienen. Palankoyeva was net te laat. Maar ze moest wel 12 jaar wachten om dat te ontdekken.

'Ik ben nergens kwaad over, maar mijn moeder zo verliezen, dat doet me pijn.’

Haar moeder moest uiteindelijk vertrekken, nadat ze 12 jaar met haar dochter en kleinkinderen in België samenleefde. Tsjetsjenië is niet veilig voor haar, andere familie heeft ze niet. ‘Ze is naar Turkije vertrokken, de enige plaats waar we elkaar in de toekomst kunnen zien. Ik ben nergens kwaad over, maar mijn moeder zo verliezen, dat doet me pijn.’

Wanneer Palankoyeva is uitgepraat, zijn er bijna twee uur verstreken. Op mijn vraag of ik foto’s mag nemen, stemt ze in, zolang ze niet te herkenbaar zijn. Publieke zichtbaarheid is niet aan haar besteed.

Daarna kijkt ze me verbaasd aan: ‘Is dit genoeg? Bent u zeker dat u hier een artikel mee kan schrijven?’ Alsof ze nauwelijks gelooft dat ze iets te vertellen heeft. Zo bijzonder kan het toch allemaal niet zijn, zie ik haar denken.

 

Bron: https://www.mo.be/interview/we-zijn-allemaal-mensen-aan-poetin-verloren?utm_campaign=daily&utm_medium=newsletter&utm_source=email